Weekbrief Leo Fijen – 24 april

Manu van Hecke, mijn voorbeeld in zoekend geloof

Deze week mag ik met ruim 30 mensen van mijn dorpskerk in Maartensdijk een reis maken in de wereld van oorlog en vrede. We bezoeken de stranden van Normandië, luisteren naar The Last Post in Ieper, overnachten in Lisieux, niet ver van de Kleine Theresia, vieren de eucharistie bij de benedictinessen van zuster Hannah in Loppem en bidden de vespers mee in de Sint Sixtus Abdij van Westvleteren. Daar worden we hartelijk ontvangen door abt Manu van Hecke, al jaren het gezicht van de trappisten aldaar. Hij leerde me de weg te gaan van de diepste eenzaamheid om zo samen met die Ene te kunnen zijn. Sindsdien mag ik soms bij hem aan komen waaien. Vaak alleen, dit keer met mijn dorpsgenoten. Er zijn mensen op deze aarde die altijd voor me bidden. Manu is zo’n engel van een mens. Tussen Pasen en Beloken Pasen zijn we bij hem. En het voelt alsof ik weer thuis kom. Er is geen groter geschenk dan dit thuis. Uit dank hierbij de tekst die Manu van Hecke me een jaar geleden stuurde, over het wonder van Pasen.

Mijn Gezel

Ik zoek U – mijn Gezel.

Soms zijt Ge zo diep in de tuin van mijn ziel.

Ik zoek U. Mijn weg is zo stil zonder U.

Ik zie om waar Gij toeft.

Uw geheim – het trekt mij als een vlam in het nachtelijk duister.

Waar zijt Gij?

Levende, diep in mijn dood,

Dode, zo diep in mij levend!

Ik zie naar u om.

Soms in een droom

            als de opgaande zon

            als een blik vol begrip.

Soms in een gesprek         

         als een woord dat bevrijdt

            als een zwijgende Derde.

Vluchtig zijt Gij, mijn Gezel,

Overal, plotseling, dan weer verdwenen.

Paasmorgen –

schim in de tuin

en steeds laat Gij mijn hart verlangender achter.

Ik zoek U alom, Gezel van mijn hart

                                        van mijn ziel

                                        van mijn tuin

                                        van mijn weg.

Woorden – zoveel meer dan woorden. Woorden die spreken, aanspreken. Woorden die openen naar het geheim van Pasen. Ik kreeg ze ooit toegestuurd.

Die woorden zeggen me: Christus leeft! Hij is door dood en graf heengegaan om blijvend bij ons te zijn. Hij is de Levende tussen ons in. Pasen zegt: het leven is niet meer zoals het was. Of misschien schrijf ik beter: het leven is wat het is, maar wij leven het niet meer alleen. In wat is, staat Iemand naast ons, is er Iemand in ons. Duisternissen, eenzaamheden, ergernissen, vernederingen – die blijven mensen tekenen. Maar er is Iemand, die ze is doorgegaan, die erin is afgedaald en die ze op Zich heeft genomen. En dat maakt het zo anders. Alleen ben ik niet meer alleen. Wij hebben een Gezel, een Levensgezel.

Hij is ér – de Levende – maar op zijn paaswijze: stil, behoedzaam, vol eerbied, als een vlam in het nachtelijk duister. Hij is er – ook als de vraag telkens weer opkomt: Waar zijt Ge?  Hij is er, maar wij zijn op zoek, omdat onze weg zo stil is zonder Hem. Hij is er in de tuin van mijn ziel. Maar waar ben ik? Huis ikzelf in die tuin? Durf ik afdalen naar die diepte? Want diep verscholen is de tuin van onze ziel. Onzegbaar geheim: Levende, diep in mijn dood. Dode, zo diep in mij levend. Uit onszelf, aangewezen op eigen krachten, op eigen kunnen komen we uiteindelijk nergens uit – zijn we dood. Zonder Hem is leven geen leven. Ons bestaan is gewoon een bestaan ten dode, als Hij er niet is.

Maar zo is het niet. Ons geloof zegt: Levende – de Levende is er middenin de dood. Of omgekeerd – en misschien nog paradoxaler: de Dode met hoofdletter zo diep in mij levend. Hij die voor ons geleden heeft, Hij die God doet, Hij die de liefde nooit moe wordt – Hij is de dood niet uit de weg gegaan. Die Dode – die de echt Levende is – diep in mij, diep in elk van ons, diep in zijn Kerk, diep in onze mensenfamilie.

Manu van Hecke
Abt Sint-Sixtus Abdij Westvleteren

Leo Fijen

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 45!