Weekbrief Leo Fijen – 14 augustus

Het is drukker dan ooit in de abdijwinkel van Egmond
Vorige week was het weer raak. Van het ene op het andere moment kwamen tientallen fietsers het terrein van Benedictushof oprijden. Het is tekenend voor wat er deze zomer gebeurt in het voorportaal van de Abdij van Egmond. Want dat is Benedictushof, met abdijwinkel, kaarsenfabriek, boomgaard, horeca en boekhandel. Uiteindelijk bleek het een groep van 100 fietsers te zijn die zich tevoren niet hadden aangemeld en toch graag even op adem wilden komen in de omgeving van de abdij. Zij zijn niet de enigen deze zomer, want het is een komen en gaan van dagjesmensen, toeristen, stiltezoekers en nieuwsgierigen. Ik zie het van nabij want ik ben sinds kort vrijwilliger in Benedictushof, het uithangbord van de abdij, gelegen op een paar honderd meter van het kloosterleven. En toch hebben al die dagjesmensen het idee dat ze iets aanraken van dat kloosterleven.

Ergens bij horen
Zelfs deze dagen dat de mussen van het dak vallen blijven de mensen komen. Ik sta erbij en kijk ernaar en vraag me dan af wat ze daar zoeken. Is het de rust van de boomgaard? Komt het door de aantrekkingskracht van het abdijbier? Of zijn het de kaarsen die beschilderd en al zo buiten op een tuintafel kunnen staan? Maar misschien raakt die belangstelling van zovelen wel iets dieper: het gevoel te delen in iets dat veel groter is dan henzelf, te delen in oude papieren van 1100 jaar religieus leven, te delen in een geschenk van gemeenschapszin, gebed en onbaatzuchtigheid, te delen in heilige grond die de wonden van deze gefragmenteerde tijd heelt. Ik maak het niet mooier dan het is. Ik denk werkelijk dat al die dagjesmensen op zoek zijn naar iets dat ze kwijt zijn: ergens bij horen, lid zijn van een groep, niet elk kwartier zelf je leven hoeven te bepalen.

Gedragen door vrijwilligers
In de hittegolf van deze dagen is het in de meeste winkels stiller dan stil. Maar in de abdijwinkel van Egmond is het een drukte van belang en wordt een topomzet gedraaid. Met bijna alleen maar vrijwilligers. Misschien herkennen al die passanten dit ook wel: dat het abdijleven voor een groot deel gedragen wordt door vrijwilligers: van de tuinploeg, van de boomgaard, in de kaarsenfabriek, als portier, in de horeca en natuurlijk ook in de abdijwinkel. Toeristen ontmoeten hier kleine gemeenschappen die in al hun onbaatzuchtigheid betekenis geven aan hun leven. En ze zien het met eigen ogen als die vrijwilligers buiten koffie drinken, het hoogtepunt van vrijwilligerswerk, de ontmoeting met elkaar. In een samenleving waarin luisteren naar en optrekken met elkaar steeds schaarser worden, in een cultuur waarin de polarisatie en verharding dominant zijn, tonen vrijwilligers een ander gezicht van deze tijd.

Toekomst van geloof en kerk
Daarom geloof ik oprecht dat de toekomst van geloof en kerk voor een deel op deze plekken van religieus leven wordt geschreven, in het spoor van eeuwenoude gebruiken. Al 1100 jaar geeft de Adelbertusbron in de duinen water dat heelt. Dat levende water wordt ons gegeven. We hoeven er niets voor te doen, alleen maar aan te sluiten. Dat is een zegen in een tijd waarin je alles zelf moet uitzoeken. Bezoekers zien dat gebeuren in de overgave van vrijwilligers naar elkaar. En ze horen dat verhaal in lezingen en presentaties. Over twee weken is een spirituele gids van deze tijd, Benoît Standaert, een gastspreker. Als iemand de kunst verstaat de genade van Jezus, Jozef en Maria te delen, dan is hij het. De aanmeldingen blijven binnenstromen, al enkele tientallen. Rondom een klein boekje dat hij over Maria en Jozef heeft geschreven. Het is een retraite van een dag. Maar een paar uur stil worden en raken aan de genade van dat eeuwenoude verhaal, dat is onbetaalbaar. Dat is de helende kracht van het leven in en rond de abdij van Egmond.

Leo Fijen

Lees hier meer over de dagretraite van Benoît Standaert.

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 35!