Weekbrief Leo Fijen – 12 december

Broeder Columba (30) vindt zijn bestemming bij benedictijnen in Egmond-Binnen

God roept door mensen die jou de weg wijzen
‘Het mooiste in een kloosterleven is dat je samen bent met mensen die je zelf nooit hebt uitgekozen. Dat is het mooiste maar ook het moeilijkste. In die zin is het oefenschool om je eigen ik af te leggen om beter met de ander en de gemeenschap samen te leven. Je kunt alleen maar werkelijk in verbondenheid met de ander leven als je jezelf wat kleiner maakt. En dat geldt niet alleen voor de relatie met je medebroeders maar natuurlijk ook voor de band met God. Ik moet kleiner worden om God God te laten zijn. Je zou kunnen zeggen dat alles wat wij hier leven en bidden haaks staat op het moderne leven waarin ons juist gezegd wordt dat we sterk en onafhankelijk moeten zijn. Je telt pas mee als je voor je mening opkomt. Hier, in de abdij, tel je mee als je door de gemeenschap van broeders leert wie je ten diepste bent en waartoe je geroepen bent: om als Amsterdammer uit de arbeidersbuurt van Noord niet zo eigenwijs te zijn en niet mijn eigen plan te trekken. Want zo ben ik groot geworden, zo heb ik het gered. Maar hier in de Adelbert Abdij van Egmond-Binnen kan ik pas verder groeien als mens wanneer ik me dienstbaar opstel en zo de kloostergemeenschap een stuk mooier maak. Als je er zo voor de ander en de Ander kunt zijn, word jezelf ook gelukkiger.’
Aan het woord is broeder Columba, nog maar 30 jaar jong en toch al een vertrouwd gezicht in het klooster dat ieder al van verre kan zien. Het maakt niet uit hoe de reis gaat, met de trein, fiets, auto of te voet. De rode daken zijn een ankerpunt in het landschap, zoals de achterliggende duinen dat ook zijn. En deze jonge broeder uit Amsterdam-Noord is daar op zijn plek. Daarvoor heeft hij een bijzondere weg moeten afleggen.
‘Mijn wortels liggen in een arbeiderswijk die langzaam overgenomen wordt door ‘’mensen uit de grote stad’’. Daar heb ik de kerk geleidelijk leren kennen door met mijn oma mee naar de kerk te gaan. Mijn oma ging dementeren en zocht houvast in het geloof van haar jeugd. Daarom ging zij naar de kerk, ik wilde graag mee en ontdekte toen de troost en de hoop van het geloof. Die beleefde ik nog sterker als misdienaar en acoliet. Dat zijn liturgische rollen die de priester helpen bij de eucharistieviering. Dat geloof is altijd mijn reddingsboei geweest, zeker in de periode op het beroepscollege, toen mijn vader plotseling overleed in mijn 2e studiejaar. Maar ik heb ook een zwarte periode gekend, toen ook mijn moeder plotseling overleed in 2014. God leek totaal niet aanwezig en ik was boos op hem. Toen ik in 2013, na een eerste poging, de abdij verliet ging ik weer bij moeder wonen. Na haar dood moest ik het ouderlijk huis verlaten en ging wonen bij mijn halfbroertje in Volendam. Daar ben ik goed begeleidt door mijn biechtvader die daar kapelaan was. Hij heeft mij aangespoord om weer eens te gaan praten in Egmond als de tijd daarvoor rijp was. Toen ik na de Kerkwijding van de ‘’nieuwe Augustinus’’ in Amsterdam-Noord Broeder Adelbert sprak die vertelde dat hij daar ging intreden begon het heel erg te kriebelen. De zondag daarop diende ik de heilige mis in de abdij en bij de koffie nodigde Adelbert mij uit om op de donderdag die daarop volgde te wandelen. Toen wist ik het zeker. God is zijn aanbeet aan het binnen hengelen.’

Zijn kloosternaam ontving hij van een andere medebroeder die hij tot de dood verzorgde. Die naam is Columba, hetgeen duif betekent. Juist op dat moment kreeg hij via een peettante van zijn moeder een rozenkrans die zijn moeder aan haar had gegeven. Dat bleek een rozenkrans te zijn, waarvan de kralen van het onze Vader de vorm hadden van kleine duifjes.
Toen wist Columba dat zijn weg klopte. ‘Dat was een teken, zoals er zoveel tekens zijn. Ze bevestigen de weg die hij gaat, nu in de kaarsenmakerij. ‘Niets is mooier dan mee te werken aan het licht van Christus dat zoveel mensen troost. Monnik ben je niet alleen in de kerk. Mijn kloostercel moet overal zichtbaar zijn, ook in mijn werk met de kaarsen. Ik help Christus een beetje met zijn licht’, zo besluit hij.

Leo Fijen

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 45!