Vrede volgens Thomas Merton

Thomas Merton was cisterciënzer monnik en is voor velen een inspiratiebron tot op de dag van vandaag. Hij schreef onvergetelijke boeken en liet daarmee een spirituele erfenis na die niet overschat kan worden. Willy Eurlings, voorzitter van de Thomas Mertonvrienden, vat Mertons visie op de vrede voor ons samen.

Als je het over vrede hebt: wees kritisch

Thomas Merton (1915-1968), de Amerikaanse trappist die wereldberoemd geworden
 was met zijn boeken over contemplatie, ontving in april 1962 van zijn abt een brief, geschreven door abt-generaal Gabriel Sortais, waarin hem werd verboden om nog over oorlogs- en vredesvraagstukken te schrijven. Het was het jaar na de bouw van de Berlijnse muur en de mislukte invasie in de Varkensbaai op Cuba. De Koude Oorlog leek af te stevenen op een kernoorlog. Het was een verbod dat moeilijk te verteren was voor hem. Aan zijn medevredesactivist Jim Forest schreef hij:

De reden die wordt gegeven is dat dit niet de taak is voor een monnik en dat het ‘een verkeerd beeld geeft van de monastieke boodschap’. Stel je eens voor: de gedachte dat een monnik over de kwestie van een kernoorlog zo bezorgd is dat hij een protest laat horen tegen de wapenwedloop zou het monastieke leven een slechte naam bezorgen. Lieve hemel, ik zou denken dat het misschien net de redding zou kunnen zijn voor een laatste restje reputatie van een instituut dat door velen wordt beschouwd als op sterven na dood…

Merton was er echter de man niet naar om zich hierbij neer te leggen. Hij liet het boek dat hij net af had en dat niet mocht worden uitgegeven, Peace in the Post- Christian Era, stencilen en – met goedvinden van zijn abt – verspreiden onder vrienden, die het dan kopieerden en verder doorgaven. Het verbod gold immers alleen voor commerciële uitgaven. Op die manier kon hij toch zijn inzichten delen. Een exemplaar van deze gestencilde editie werd zelfs aangetroffen in de bibliotheek van het Vaticaanse Noord-Amerikaans College in Rome. Eind 1962 lukte het Merton om zijn essays over vrede te laten circuleren onder de theologen en bisschoppen die bij het Tweede Vaticaanse Concilie werkten aan een tekst over de sociale missie van de kerk. Het blijft natuurlijk een beetje gissen, maar het is niet onwaarschijnlijk dat zijn teksten van invloed zijn geweest op Pacem in Terris, het Concilie-document over vredesvraagstukken dat in april 1963 verscheen. Dat is des te waarschijnlijker, omdat paus Johannes XXIII Merton een warm hart toedroeg. Als blijk van respect voor zijn werk schonk Johannes hem een stola die hij als paus had gedragen. Enkele dagen nadat de encycliek was bekendgemaakt schreef Merton aan de abt-generaal van de trappisten: ‘Het is maar goed dat paus Johannes zijn encycliek niet heeft hoeven voorleggen aan onze censoren: en kan ik nu weer mijn gang gaan?’

Over gewelddadige vredestichters

Merton was principieel tegen het gebruik van geweld. Had Jezus niet gezegd dat we onze vijanden moeten liefhebben? Hij schreef:

Wat heeft het voor zin om op onze brieven stempels te zetten met oproepen om ‘te bidden voor vrede’ en dan miljarden dollars te spenderen aan atoomonderzeeërs, atoomwapens en ballistische raketten? Volgens mij is dit precies wat het nieuwe testament verstaat onder ‘God bespotten’.

Toch was zijn kritiek niet alleen tegen de machthebbers gericht. Uiteindelijk zit dat geweld ook in ieder van ons en strijden tegen geweld betekent ook een innerlijke strijd, die veel van ons vraagt:

Geweldloosheid is misschien wel de meest veeleisende vorm van strijd, niet alleen omdat het allereerst vereist dat men bereid is het kwaad te ondergaan… zonder de mogelijkheid van gewelddadige vergelding, maar vooral omdat het het louter voorbijgaande eigenbelang als beweegreden uitsluit.

Dit is een gedeelte uit het artikel van Willy Eurlings in het volgende nummer van Klooster!
Willy Eurlings is oud-docent Geschiedenis en is voorzitter van de Mertonvrienden, een genootschap dat leven en werken van Thomas Merton bestudeert en beleeft.