Hemelvaart van de Heer jaar C – Dankbaar gedenken wat Hij voor ons deed

Schriftlezingen: Handelingen 1,1-11; Efeziërs 1,17-23 en Lucas 24,46-53

Een liturgisch afscheid
Het evangelie van Lucas eindigt met aanbidding en lofprijzing, het afscheid van Jezus bij zijn hemelvaart is bijna een liturgie: het eerste deel van wat daar gebeurt is een vorm van verkondiging: Jezus maakt de geest van Zijn leerlingen toegankelijk voor het begrijpen van de Schriften en geeft hun de opdracht om te getuigen. Na deze ‘dienst van het Woord’ neemt Jezus de leerlingen mee naar Bethanië̈, daar zegent Hij hen en zij aanbidden Hem en verheerlijken daarna God in de tempel. Dat is precies de wijze waarop de liturgie in het algemeen en de viering van de sacramenten gewoonlijk worden omschreven: in de liturgie ontvangen wij iets van God: Zijn genade en zegen komen over ons; en wij antwoorden daarop met onze aanbidding en lofzang. Liturgie is een beweging van God naar ons en een beweging van ons naar God toe. Niet omgekeerd!

Vooraleer te geven, hebben wij ontvangen
Bij de Romeinen leefde het “do ut des”: ik geef opdat Gij geeft, ik geef iets aan de goden opdat zij mij welgezind zullen zijn en mij iets zullen geven. In ons geloof is het precies andersom: God zelf is naar ons toegekomen, Hij heeft het initiatief genomen, Hij heeft uit liefde voor ons Zijn enige Zoon gegeven en onze lofzang en aanbidding is veeleer een dankbare reactie op wat God heeft gegeven. “God heeft het eerste woord”, Hij is begonnen, Hij heeft gegeven, wij zijn de dankbare getuigen van wat Hij heeft gegeven. Wat de leerlingen in dit evangelie doen is dus reactie op hetgeen God hun heeft gegeven: getuigen aanbidden God verheerlijken, in dankbaarheid.

Aanbidding en vreugde
“Zij aanbaden Hem”, dit betekent dat de leerlingen nu aan het einde van het evangelie, hun Heer en Leermeester door zijn verrijzenis hebben leren kennen als degene die Hij werkelijk is: nu Hij terug gaat naar de hemel, hebben zij met hun hart ingezien dat Hij werkelijk uit de hemel is neergedaald: Jezus Christus is de Heer. Wat ook opvalt in dit evangelie is dat het afscheid helemaal geen droefheid bij de leerlingen teweeg brengt: ze zijn niet teleurgesteld, voelen zich niet in de steek gelaten, er is geen rouwstemming, integendeel: er is grote blijdschap. Ook die vreugde, deze geestelijke vreugde, is een teken dat de leerlingen Jezus werkelijk hebben leren kennen en in Hem geloven als wie Hij werkelijk is. Zij zijn niet bedroefd of verward omdat ze weten dat Hij altijd bij hen zal zijn door de heilige Geest die over hen zal komen.

Wat Hij heeft gegeven
Ook wij zouden op Hemelvaartsdag ons aan kunnen sluiten bij de apostelen door ons te binnen te brengen wat Hij voor ons heeft gedaan: op de eerste plaats dat Hij voor ons gestorven is en dat Hij dat ook zou hebben gedaan als Hij het voor mij alleen zou hebben moeten doen; laten we ons te binnen brengen alles wat Hij ons geeft door ons geloof, door de Kerk, door de sacramenten; dan vervolgens ook alles wat Hij ons heeft gegeven in ons leven.

Vertrouw dat het niet zinloos was
Het komt daarbij erop aan om te vertrouwen op zijn leiding, dus dat Hij ook door de moeilijke momenten van je leven zijn liefdevol plan met je ten uitvoer brengt, dat niets voor niets en zinloos was, ook al was het niet gemakkelijk.  Ja, als wij met Gods hulp onze geest openen voor alles wat Hij voor ons heeft gedaan, wat Hij ons heeft gegeven, zijn zegen erin proberen te zien, dan zullen wij Hem met de leerlingen kunnen aanbidden en verheerlijken, dan is de liturgie ónze liturgie en blijft zijn vreugde in ons.

† Jan Hendriks

 

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 45!