Feest van het heilig Sacrament – Het mooiste wat je God kunt geven

Schriftlezingen: Exodus 24,3-8; Hebreeën 9,11-15 en Marcus 14,12-16+22-26

Op Sacramentsdag staan we stil bij de Eucharistie en de communie en dat Jezus Christus voor ons is gestorven en verrezen. Brood en wijn zijn heel eenvoudige tekenen.

Offers van dieren?
Wij kunnen het ons eigenlijk al niet meer goed voorstellen dat er in de tijd van het Oude Testament dagelijks dierenoffers werden opgedragen, in de tempel en – zoals we dat vandaag in de eerste lezing hoorden over de stierenoffers – in de woestijn als bekrachtiging van het verbond dat God met Zijn volk had gesloten.  Dat slachten van dieren als offer staat ver van ons af; we zijn gevoelig geworden voor dierenleed en ritueel slachten – waar dat voorkomt in andere godsdiensten – ligt onder vuur en velen zouden dat willen verbieden. We kunnen het belang van dat bloed dat in al die offers werd vergoten, misschien een beetje begrijpen als we bedenken dat in die oude tijden het bloed werd gezien als drager van de levenskracht, van de ziel en de geest van een mens of een dier.

Het kostbaarste wat je hebt
En het was toen een agrarische maatschappij, waarin werd gekeken hoeveel dieren iemand had als je wilde weten of iemand rijk was. Wie onafzienbare kudden schapen en runderen had, die had het helemaal gemaakt! Als iemand dus een bok of een kalf of een stier als offer bracht, dan offerde die persoon zijn bezit, hij gaf het kostbaarste wat hij had: zijn vee. Natuurlijk was er dan weer de menselijke neiging om een schaap of een bok uit de kudde te nemen, dat toch al kreupel liep of waarvan de eigenaar weinig opbrengst te verwachten had. Maar nee, zo mocht het niet zijn, je moest aan God het eerste geven, het mooiste en beste van wat je bezat. Dus, de gedachte was dat je het beste wat je had aan God kon geven door een offer te brengen uit je kostbaar bezit. Die dierenoffers uit lang vervlogen tijden waren dus ook een teken van hoe belangrijk dieren voor de mensen waren. Daarom offerden ze die aan God.

Geen brand- en slachtoffers
Maar geleidelijk zien we dan in het Oude Testament de gedachte opkomen dat het helemaal niet om brand- en slachtoffers gaat, niet om geschenken en cadeaus uit je bezit; het mooiste dat we God kunnen geven is niet iets uit ons bezit, maar dat zijn wijzelf, het gaat om de gave van onszelf. “Gij vraagt geen brandoffer, geen zoenoffer van mij, (maar) dat ik Uw wil volbreng” (Ps. 40(39)). We moeten en mogen onszelf aan God geven, want het mooiste wat we God kunt geven, is niet ons geld of ons bezit, dat zijn wijzelf! Dat ervaren we nog steeds. Natuurlijk, er zijn ook mensen nodig die wat geld geven of zelfs een flink deel van hun bezit. Maar als een persoon zichzelf geeft, zijn tijd, zijn liefde, is dat nog belangrijker; zo kan een klein gebaar van meer betekenis zijn dan een kamer vol mooie cadeaus. Het gaat uiteindelijk om de liefde die erin zit, dat iemand zichzelf geeft, zijn hart.

De gave van Hemzelf
Vandaag vieren we Sacramentsdag, het hoogfeest van het lichaam en Bloed van Christus. Jezus heeft bij het laatste Avondmaal van lichaam en bloed gesproken, maar wees niet bang, het wordt geen bloederig geheel, er zijn geen dierenoffers meer. Die heeft Jezus juist afgeschaft. Wat Jezus toen, bij dat afscheidsmaal, gegeven heeft  is een onbloedig offer, de gave van zichzelf, teken van liefde.

Je ontvangt je Heer
De uiterlijke tekens zijn brood en wijn, Brood verwijst naar Zijn lichaam, dat gebroken is, geleden heeft voor ons. Wijn verwijst naar Zijn bloed, dat voor ons is  vergoten en teken is van Zijn levenskracht, Zijn ziel. Onder die uiterlijke tekens van Brood en Wijn, is Hijzelf er, werkelijk en waarachtig, want het gaat om Hemzelf,  dat Hij zich geeft uit liefde. Over Zijn dood aan het kruis werd gezegd: “Als een lam werd Hij naar de slachtbank geleid”, maar Hij offert geen dier, Jezus offert niet iets wat Hij heeft, wat Hij bezit, maar Hij offert, Hij geeft ons zichzelf. Daarom maakt het niet uit dat we de communie ontvangen onder de gedaanten van brood alleen, we ontvangen Hemzelf, het gaat erom dat Hij zich aan ons geeft in de heilige communie.

Geef jezelf!
Dit is wat we iedere keer voor ogen krijgen als we de Eucharistie komen vieren en wellicht ook de heilige communie ontvangen. We ontvangen Jezus die zich voor ons geeft. Het is een uitnodiging om zelf zoals Jezus te doen, te leven, te spreken, te handelen. Geef jezelf! Leg je hart in wat je doet en zegt. Laat wat je doet een offer zijn voor God en voor de naaste, een gave, een cadeau, niet iets uit wat we bezitten, maar gave van onszelf.

† Jan Henkriks

Afbeelding: Jules Breton (1827-1906) La bénédiction des blés dans l’Artois, Musée des Beaux-Arts d’Arras

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 35!