Doop van de Heer

Schriftlezingen: Jesaja 42,1-4+6-7 en Lucas 3,15-16+21-22

Het feest van de Doop van de Heer ligt in het verlengde van de Openbaring van de Heer, sluit de tijd van Kerstmis af en vormt de overgang naar de tijd door het jaar.

Johannes doopt Jezus in de rivier de Jordaan. Terwijl hij dat doet, gebeurt er iets bijzonders. De hemel scheurt open, men hoort de stem van de God de Vader en de heilige Geest daalt in een zichtbare gedaante over Jezus neer. Het is een manifestatie van het mysterie van de Heilige Drie-eenheid.
De doop van de Heer staat ook model voor ons doopsel. In het doopsel dalen wij met Christus af in het water van de dood, waar onze zonden worden afgewassen. En na ons met Hem te hebben ondergedompeld, stijgen wij weer met Hem op uit het water en horen wij − sterk en machtig – de stem van de Vader die zich ook tot ons richt in de diepte van onze harten, en voor ieder van ons een nieuwe naam verkondigt: “Beminde! In wie Ik mijn welbehagen vind”. (Homiletisch Directorium, 137)

=====

Velen zagen in Johannes de verwachte Messias. Het zat in de lucht. “Neen”, zegt Johannes, “Ik kan wel het oude afwassen, de overgang markeren met water, maar die na mij komt je zal onderdompelen in heilige Geest en vuur – zal je ‘nieuw’ bekleden.” Onze doopritus kent wel de doop met water, maar nieuw bekleden doen de orthodoxen beter.*

Bij Lucas is Johannes al gevangen als Jezus gedoopt wordt. Dat is de verkeerde volgorde, maar de rangorde gaat blijkbaar boven de chronologie. Jezus sluit zich aan bij het volk. Dat past bij Lucas die Jezus meer in het perspectief van metons dan van voorons ziet. Het is ook lucaans dat Jezus bidt bij zijn doop. Lucas laat Jezus steeds op cruciale momenten bidden (zie Lucas 5,16; 6,12; 9,18 en 28-29; 11,1).  De Geest komt over Jezus, daalt op Hem neer zoals een duif neerdaalt en begint het Jezusverhaal. Ná de doop schrijft Lucas: ‘Aan het begin van zijn optreden was Jezus…’  Inderdaad: het begin (zie ook Handelingen 1,22 ), want de heilige Geest is het begin en de drijfveer van het hele bestaan (1,35) van alle doen en laten van Jezus (4,1; 4,14 enz.). En in Handelingen gaan  de apostelen en volgelingen na de doop met heilige Geest getuigen. Zonder heilige Geest valt er niets te beginnen.

Henk Bloem

* Bij de doop wordt iemand met het sop van de heilige Geest overgoten.  Die iemand was vaak al met het sop van de tijdsgeest, met het familiesop, met het sop van onze politiek en onze waarden en normen overgoten. Nu volgt de keuze om met het sop van de heilige Geest overgoten te worden. Dat is een nieuw begin, dat relativeert  de andere oriëntaties. In de orthodoxe kerken wordt dit gemarkeerd door de dopeling de oude kleren uit te trekken, naakt te dopen en dan de nieuwgedoopte in het nieuw te steken. Dan zie je: dat is andere koek!