Zesde zondag door het jaar A – Het oordeel is aan God

Schriftlezingen: Sirach 15,15-20; 1 Korintiërs 2,6-10; Matteüs 5, 17-37 of 20-22a+27-28+33-34a.+37

Korte metten

Jezus zegt in het evangelie van deze dag dat het in ons leven niet alleen gaat om wat we doen of om wat we misschien niet doen, maar dat het ook om onze intenties gaat en om de consequenties van wat we doen en om wat ons ertoe kan brengen om het goede of verkeerde te doen.

Laat ik U gerust stellen: het is niet Jezus’ bedoeling dat we handen af gaan hakken of ogen uit gaan rukken, het is een krachtige manier van spreken om te vragen dat we korte metten maken met wat ons afbrengt van het goede pad en dat we stil staan bij en nadenken over de weg die we opgaan en over wat ons drijft. Heel dit evangelie is een uitnodiging om onze eigen beweegredenen na te gaan en – alles overziende – goede en heilzame keuzes te maken.

De intenties en de consequenties

Niet alleen echtbreuk plegen, ook de intenties, het begeren, moeten we achterwege laten; niet alleen iemand vermoorden, ook de toorn van binnen en het koesteren van haat, zijn niet in de haak, zegt Jezus tot Zijn leerlingen.
En denk aan de consequenties van je daden: als je je niet met een ander verzoent, je het niet eens wordt met een tegenpartij, kan dat ook nog eens lelijk op jezelf terug slaan, misschien neemt die ander wraak, daagt hij je voor het gerecht, houdt Jezus ons vandaag voor. Overweeg de portée van je daden, de consequenties van je handelen.

We horen bijvoorbeeld zo vaak hoeveel kwaad het een kind kan doen als het gepest wordt op school.Het kan vreselijke consequenties hebben en een kind voor het leven beschadigen. Niet voor niets is hier veel aandacht voor. Toch lijkt het vaak alsof dat pesten niets heeft voorgesteld, iemand niet mee laten doen, een beetje roddelen en schelden, is dat wel zo erg? Toch kan juist dat een mens traumatiseren.

Het zit ‘m soms in kleine dingen – een gebaar, een blik, een woord – waarmee we iemand overbrengen: jou moet ik niet. Niet aanvaard worden, er niet mogen zijn, kan iemand levenslang beschadigen. De liefde moet ons leiden!

Als we alleen naar het handelen kijken, lijkt het soms niet veel: “Ik heb niet veel gedaan, ik was er nauwelijks bij betrokken”, maar ook de intenties kwamen over, en een kleine oorzaak kan grote gevolgen hebben.

De context

Onze persoonlijke geschiedenis speelt mee in wat we zeggen en doen en in hoe we het zeggen en doen. Een onbedachtzaam uitgesproken zin, kan bijvoorbeeld familierelaties voor jaren bederven.

Jezus zegt dat Hij geen jota of haaltje van de Wet laat vergaan, wat verkeerd was, blijft verkeerd, maar bij het oordeel dat we erover vellen, moeten we ook de persoon betrekken: de persoon die het heeft gedaan en de persoon die het moest ondergaan, de intenties en de consequenties. We moeten dat handelen in de context zien. Wat iemand doet, zegt of laat, of ook hoe iemand iets gaat ervaren, staat niet los van zijn eigen levensverhaal.

Als we bijvoorbeeld de levensgeschiedenis van een misdadiger horen, gaat het heel vaak om een triest verhaal: drank en geweld in het ouderlijk huis geen basis waar hij thuis kon zijn, geen liefde en waardering; vrienden op straat, van klein tot groter kwaad.

Toen ik net priester was, werd ik in een volkswijk, in een stadsparochie benoemd. Daar liep dagelijks een jongen op straat van een jaar of acht, negen. Soms stond hij achter de kerk met wat oudere jongens. Hij was ooit de huissleutel verloren en moest voortaan buiten blijven tot zijn moeder thuis kwam; dat was ‘s avonds om een uur of zeven. Ik heb me altijd afgevraagd hoe het verder zou zijn gegaan met deze jongen. Als het mis is gegaan met die knul, denk ik dat het niet alleen zijn eigen schuld is geweest. Hij had geen thuis!

Niet bij iedereen die iets slechts doet is het evenzeer aan te rekenen, de achtergrond van een persoon speelt een grote rol.

“Oordeelt niet”

Er is begrip nodig om te kunnen oordelen en uiteindelijk kunnen we niet oordelen, omdat we niet kunnen beoordelen hoe een persoon tot zijn daden gekomen is. Daarom vraagt Jezus ons dat oordeel uiteindelijk aan God over te laten: “Oordeelt niet opdat je niet geoordeeld wordt”. God alleen kent de harten van de mensen, Hij begrijpt wat ons beweegt en kan al motieven doorzien en plaatsen.

Hij alleen kan schulden wegen… Reflecteer op je eigen handelen en laat het oordeel over anderen aan God over.

† Jan Hendriks

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 35!