5e zondag van de veertigdagentijd – Vragen rond ziek-zijn en sterven

Schriftlezingen: Ezechiel 37,12-14; Romeinen 8,8-11 en Johannes 11,1-45 

“In die tijd was er iemand ziek…” met die woorden begon het evangelie van vandaag. Die zieke heette Lazarus en het ging niet goed met hem: toen Jezus arriveerde was hij al vier dagen dood.

Hoe zal het gaan als ik ziek word?

Dit is iets waar we allemaal mee te maken hebben, ja, dat we zullen sterven is zelfs zo ongeveer de enige zekerheid die we hebben! Gezondheid noemen we wel het grootste geschenk; een belangrijk aspect van de discussie over ‘voltooid leven’ is dan ook dat mensen angst hebben voor afhankelijkheid, voor ziekte en dood: wat zal er met me gebeuren, hoe zal het gaan als ik ziek word en de regie over mijn leven zelf niet meer in handen heb? Bijna iedereen denkt met een zekere schrik aan het moment dat hij of zij van de zorg van anderen afhankelijk wordt. De grootste vrees gaat meestal over de vraag: zal ik dan nog een menswaardig bestaan kennen, is er zorg met respect voor wie ik ben, hartelijke aandacht en liefde? Zal ik dan nog geluk kennen? In feite is dat laatste heel belangrijk. Als mensen bij ziekte en handicap hartelijk en goed worden opgevangen in een fijne omgeving, zijn zij vaak gelukkiger dan iemand die – weliswaar gezond- eenzaam en alleen in zijn huis zit.

Vragen waar we niet uitkomen

Martha en Maria en de Joden die hen kwamen bezoeken, huilden en waren verdrietig en de dood van Lazarus had ook Jezus zelf flink aangegrepen. Dat laatste is bijzonder mooi; het laat ons zien dat God, die in Jezus ons leven is komen delen, niet onverschillig staat tegenover het verdriet. God huilt met de mensen mee. Het is goed dat we ons dit bedenken, want rond lijden en dood zitten wij met vele vragen: waarom die wel en die ander niet? Waarom helpt God de één wel en de ander niet?
Het zijn vragen waar we niet uitkomen met ons menselijk verstand, dit is een mysterie voor ons, ook al worden wij – net als Martha – uitgenodigd om te blijven geloven en vertrouwen, want dan zullen we Gods heerlijkheid zien en Zijn liefde voor ons ervaren. Het is niet dat degene die geholpen wordt beter is dan die ander die sterft, want Jezus zelf, de Zoon van God, werd niet geholpen, maar stierf jong en op een nare manier en ook Hij zat op Zijn kruis met die vraag: “God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten”. Dat is menselijk en begrijpelijk, maar we moeten daar doorheen, we moeten verder…

We zullen leven!

Als Jezus bij de verdrietige zussen komt, bij Martha en Maria, spreekt Hij over het geloof, over de verrijzenis en het leven. Dat is de troost die Hij geeft: ook al heb je nu verdriet en mis je je broer, weet en geloof dat hij eeuwig mag leven, dat hij zal leven! En dat ieder die leeft in geloof aan Hem in eeuwigheid niet zal sterven.

Het leven is een geschenk, we hebben het maar gekregen; hoe lang het duurt of hoe het gaat, we weten het niet en veel blijft voor ons een mysterie, maar de Gever van dat geschenk, de Gever van het leven, heeft ons beloofd dat dit wonderwerk, die unieke mens die wij zijn, niet verloren zal gaan, maar zal leven. Voor dit leven belooft Hij een kruis, voor het andere leven vreugde en vrede.

Waarom geen euthanasie?

Daar ligt het antwoord op die vraag, die mensen in onze tijd zich stellen. Ze denken of zeggen:Waarom vragen die christenen geen actieve hulp bij sterven maar slechts goede, menswaardige zorg? Het antwoord is dat we geloven in een zin van het leven, dat dit leven ons gegeven is, dat ziekte en lijden niet het enige is dat telt, dat de zorg en liefde méér tellen, dat we daarop moeten inzetten voor een menswaardig bestaan. De liefde is nummer één, dat is onze inzet voor een goede samenleving: structuren van liefde en zorg, altijd in eerbied voor het menselijk leven dat een gegeven geheim is, waar we niet aan mogen raken. De liefde moet het onverdraaglijke lijden draaglijk maken, de zorgzame samenleving is dus cruciaal!

Waar de dood een optie en een uitweg wordt, voelen juist zorg-afhankelijke mensen een druk om die optie en die uitweg te kiezen en niet tot last te zijn. De boodschap die Jezus kreeg van zijn vrienden was deze: “Heer, hij die U liefhebt, is ziek”. Dat moest Jezus inspireren tot zorg en attentie voor de zieke. Dat dit bij ons en in onze samenleving ook zo mag zijn: dat de liefde mag blijven inspireren tot hartelijke zorg.

† Jan Hendriks

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 35!