15e Zondag door het jaar B – Neem niets mee voor onderweg

Schriftlezingen: Jeremia 23,1-6; Efeziërs 2,13-18 en Marcus 6,30-34

Neem niets mee!
Dat gaat in onze tijd wel anders! Als Jezus ons nu zou zien uittrekken als we bepakt en gezakt, met zware koffers, met auto’s en caravans vol met spullen, naar allerlei landen op vakantie vertrekken, wat zou Hij dan zeggen? “Neem niets mee voor onderweg dan alleen een stok; geen voedsel, geen reiszak, geen kopergeld in je gordel; wel moogt ge sandalen dragen, maar trek geen dubbele kleding aan”. Dat zei Jezus tenminste tegen Zijn apostelen!

Irreëel?
Maar stel je voor dat je dat werkelijk zou doen met je gezin: halverwege de reis naar bijvoorbeeld Frankrijk, krijgt heel het gezin honger en er is niets meer te eten en dan is er ook nog geen geld om iets te kunnen kopen; en de benzine raakt op en daar sta je dan. Bovendien zou je wel vreselijke gaan stinken als je geen extra kleren mee mocht nemen! Zullen we die woorden van Jezus dan maar als volstrekt irreëel aan de kant schuiven? Nou, even wachten nog…

Nu even niet
Wat betekent het als wij op vakantie gaan? Vakantie betekent letterlijk “vrij zijn”. Ook onze woorden vacuüm en vacant hebben ermee te maken: eventjes niks… Het is een lege, niet-ingevulde tijd. We klappen alle drukbezette agenda’s even dicht. Daar hoef je natuurlijk op zich helemaal niet zo ver voor weg te gaan; sommige mensen kunnen prima genieten en vrij zijn in hun eigen tuin. Het gaat er maar om dat we alle druk eens even achter ons laten: de druk van het moeten, van het presteren, van het goed willen overkomen en gewaardeerd willen worden, de druk van het haasten om alles op tijd af te krijgen… Vrij-zijn, tijd om werkelijk mens te zijn.

Alles af en perfect?
Hoe komt het toch dat we met z’n allen zo druk bezig zijn, zo aan het rennen, vliegen en pezen zijn als een grote mierenhoop? Je kunt toch geen seconde aan je leven toevoegen? We rennen ons rot omdat alles wat we doen zo belangrijk en zo nodig is en opeens zijn we er niet meer omdat de tijd gekomen is om ons koffertje te pakken en naar Gods eeuwigheid af te reizen. In een parochie hadden de gelovigen een nieuwe pastoor gekregen. De mensen waren allemaal blij met die nieuwe pastoor. Ja, zeiden ze, onder de vorige pastoor liep altijd alles perfect. Deze vergeet weleens wat, maar dat maakt hem juist zo menselijk.

Als een prestatie…
De apostelen gaan op weg, ze worden door Jezus uitgestuurd om te preken dat men zich moest bekeren. Dat kun je op verschillende manieren doen. Je kunt een geweldige preek houden en enorm je best doen om zoveel mogelijk mensen tot Christus te bekeren. Je kunt dan precies bij houden hoeveel mensen je al bekeerd hebt. Dan is het een soort prestatie die je geleverd hebt. Maar Jezus zegt die apostelen dat ze wel sandalen mee mogen nemen – dat zijn de gewone schoenen waar men op liep – maar geen dubbele kleding – dat slaat op de mantel die mensen toen over hun kleren droegen, en waar ze ’s nachts in sliepen –. Ze mogen zelfs geen kopergeld meenemen: je had goudstukken, zilverstukken en kopergeld dat het minste waard was: ze mochten dus zelfs niet een heel klein beetje geld meenemen. En als ze niet ontvangen worden, moeten ze niet blijven piekeren van wat heb ik verkeerd gedaan? Maar gewoon het stof van hun voeten schudden en weer verder gaan.

Alles loslaten…
Alles wat Jezus hier tot zijn apostelen zegt, betekent dus in feite dat zij zich niet moeten gedragen alsof het gaat om een grote prestatie die van hen afhangt; ze moeten op weg gaan zonder van alles te willen grijpen – dit moet ik halen, dat moet ik hebben –, zonder allerlei zekerheden te willen inbouwen, in feite moeten ze gaan zonder op iemand te steunen, zonder op bezit en zekerheden terug te vallen; integendeel: ze moeten op weg gaan met vertrouwen, vertrouwen op de voorzienigheid van God. Worden je menselijke zekerheden je immers niet uit handen geslagen, vroeger of later? Waar kun je nu echt op bouwen als je niet kunt vertrouwen op Onze Lieve Heer? Laat dat presteren en halen nu eens even los.

Er niet zo zwaar aan tillen
De woorden van Jezus zijn er dus toch ook wel voor ons. Je kunt veel mee nemen op vakantie en je toch zo vrij als een vogeltje voelen; je kunt ook te zwaar tillen aan de last die je draagt, aan wat je moet en wilt en zult… In Brabant zeiden ze: “Ik ga mijn pakske wegdragen”, als ze gingen biechten. Even alleen maar leven vanuit het vertrouwen, even geen zorgen omdat God voor je zorgt, even onbezorgd over ’s Heren wegen lopen, omdat je vertrouwt dat je niet te zwaar en niet alleen hoeft te tillen aan de lasten die het leven je oplegt.

† Jan Hendriks

Afbeelding: Alexas Foto’s via Pixabay

Vier keer per jaar een nieuwe, rijk gevulde Klooster! om even mee op adem te komen.
Nu voor maar € 35!